De laatste minuut

In deze tijd is het eenvoudig om sport te kijken. Er zijn camera’s die de verbeten blik van Robert Gesink in beeld brengen terwijl hij achter Tony Martin rijdt, die opgebold als een egel over zijn stuur hangt en zo aerodynamisch op zijn fiets zit dat de renners in zijn wiel alsnog vol in de wind rijden. Er zijn close-ups die de brede glimlachen van Salah en Mané uitlichten na een van de vele onnavolgbare acties van het tweetal. Zelfs de zweetdruppels die als een trein en haar wagons door het vlassig behaarde landschap van het gezicht van Alexander Zverev lopen, worden duidelijk in beeld gebracht. Je kunt de details zo gek niet verzinnen of ze zijn te volgen op een van de vele schermen die ons leven beheersen. Zo gebruik ik een VPN om de Touretappe op de livestream van de NOS te bekijken, leen ik dankbaar het KPN-account van mijn ouders om FC Twente, Liverpool en de US Open te volgen en helpt YouTube me aan de nodige beelden van sportwedstrijden die niet op televisie worden uitgezonden. Maar toch lijken sommige evenementen haast onvindbaar te zijn.

Zo keek ik al een paar dagen reikhalzend uit naar de werelduurrecordpoging van Sifan Hassan, maar toen ik een kwartier voor de start van haar race naar een livestream van het evenement zocht, stuitte ik op een YouTube link van de organisatie, de Diamond League, die pas begon ten tijde van de mannenstrijd, ruim na de race van de vrouwen. Gelukkig bracht Sporza redding en kon ik alsnog het grandioze laatste half uur van Hassans sterrenloop over de sintelbaan van het Koning Boudewijnstadion in Brussel aanschouwen. En gelukkig maar, want het bleek niet alleen een race tegen de klok, maar ook tegen haar Keniaanse uitdaagster te worden. De strijd was een bizar sterke cocktail gevuld met zowel fysieke als mentale ingrediënten. 

In dertig lange minuten waarin Hassan stoïcijns de snelle cadans van Brigid Kosgei volgde, zag ik de frustratie bij de Keniaanse wereldrecordhoudster op de marathon opborrelen als de tomatenpuree in een pan met pastasaus. Ik weet niet of ik het goed inschatte of dat het een laatste stuiptrekking van haar uitdager was, maar het leek alsof Kosgei met nog een paar minuten op de klok een elleboogstoot poogde uit te delen aan Hassan. Misschien was het een soort verzoek aan de goden, een smeekbede, een snakkende vraag aan hogere krachten om een einde te maken aan die onophoudelijke tred van die dame in haar kielzog. Telkens wanneer het tweetal een rondje in het Koning Boudewijnstadion aflegde, liepen ze op een groot scherm af waarin ze in close-up in beeld werden gebracht. Ze zagen zichzelf lopen en naarmate de teller de zestig minuten naderde en het aantal rondjes opliep tot boven de veertig, veranderde de blik die Kosgei op het scherm richtte van verbetenheid in onbehagen. Maar zo kwaad en gefrustreerd als Kosgei was, zo rustig en geconcentreerd was Hassan. Het was een strijd tussen twijfel en zelfvertrouwen. Een belangrijkere mentale kwestie voor het leveren van topprestaties bestaat er haast niet. En toen de official de trekker van het geweer overhaalde ten teken dat de laatste minuut was ingegaan, schoot Hassan zelf als een kogel weg bij haar uitdager. Als het lood ook in rondjes van vierhonderd meter rond was gegaan, dan weet ik zeker dat Sifan Hassan het had ingehaald. Ze zette aan, snelde langs haar uitdaagster, keek over haar schouder, wierp een blik op het grote scherm om te zien hoe groot het gat was, keek nogmaals over haar schouder en toen was ze weg. Na bijna een uur lang samen ruim achttien kilometer te hebben gelopen, werd het verschil in de laatste zestig tellen gemaakt.

Zelf zat ik meer dan zestig tellen lang met tranen in mijn ogen naar mijn laptop te staren en ik denk dat mijn buurvrouw zich geschrokken afvroeg wat er allemaal aan de hand was bij ons thuis, en dat terwijl New Yorkers echt wel wat geschreeuw gewend zijn. Ik beleefde veel van de laatste stappen van Hassan tot in mijn ziel mee. Zoals de nek van een voetbalcoach die naar voren schiet omdat hij de bal er voor zijn spits zelf in wil koppen, trilden mijn bovenbenen mee met elke afzet van de Nederlandse tijdens die laatste paar minuten. Totdat de klok op een uur stond, achttien kilometer en negenhonderddertig meter na de start.

Tot dusver is dit voor mij het sportmoment van het jaar. En het is dus maar goed dat ik verder keek dan de YouTube link van de Diamond League die pas begon na de wereldrecordpoging van Sifan Hassan en Brigid Kosgei. Ik vind het vreemd dat sommige sportevenementen zo lastig zijn om te volgen of terug te kijken. Terwijl er duizend camera’s gericht zijn op de Tour De France en iedere etappe wordt voor en nabesproken in diverse praatprogramma’s, moest ik de heroïsche actie van Annemiek Van Vleuten, die als een skyrunner een gravelstrook bedwong tijdens de Giro Rosa, terugzien op een dertig tellen durend, met een oude Nokia geschoten filmpje op een donkere hoek van de website van de NOS. Geld bepaalt, dat begrijp ik best, maar ik vind het doodzonde, arrogant en bovendien oneerlijk dat de daden van vrouwensporters onderbelicht zijn.

Natuurlijk zijn er voorbeelden van sporten waarbij mannen en vrouwen een soort van gelijke aandacht krijgen. In het tennis bijvoorbeeld is het prijzengeld voor alle Grand Slams hetzelfde voor deelnemers van alle geslachten. Het resultaat van een jarenlange strijd die vormgegeven werd in 1973 door Billie Jean King, de Rotterdamse Betty Stöve en vele anderen die de Women’s Tennis Association oprichtten. Dat jaar ging de US Open, na een dreigende boycot van King, als eerste overstag en besloot om het prijzengeld voor mannen en vrouwen gelijk te trekken. Dat emancipatie ook in de tennissport een strijd van een lange adem is, bewijst het feit dat Wimbledon, altijd het traditioneelst van de Grand Slams, pas in 2007 de enveloppen vulde met een gelijke hoeveelheid Engelse ponden. En het gevecht, bijna vijftig jaar na het oprichten van de vrouwenfederatie, is helaas nog lang niet gewonnen, want er zijn nog altijd talloze voorbeelden van toernooien waarbij mannen en vrouwen niet gelijk beloond worden.

Er zijn enorm veel sportprestaties onderbelicht, niet alleen bij de vrouwen in bekende sporten maar zelfs minder bekende sporten in het geheel krijgen nauwelijks aandacht. Topsport is meer dan de highlights die op het journaal voorbijkomen of op de voorpagina's gedrukt staan. Er worden teveel prestaties naar de kantlijn geschoven en het is tijd om daar verandering in te brengen. 

Het schot voor de laatste minuut heeft geklonken. Het is tijd om aan te zetten en weg te sprinten bij de uitdagers. Laat de zelfverzekerdheid de twijfel opslokken als een bultrug die een groep krill uit een poolzee hapt. Laat de liefhebber verder kijken dan zijn neus lang is en ook genieten van disciplines die niet op televisie worden uitgezonden. Laat de sporters, zowel man als vrouw, een voorbeeld nemen aan Sifan, Annemiek, Kiki, Dafne en Marianne, want de beste manier om aandacht te krijgen, is door het te verdienen. Maar laat ook de organisaties, van sportevenement tot hoofdsponsor, een voorbeeld nemen aan Billie Jean en Betty, want elk gebouw, van de kleinste hut tot de hoogste toren, heeft een fundament en dat wat nog niet bestaat, kan gemaakt worden. De eerste steen is net zo belangrijk als de laatste steen en de eerste minuut is net zo belangrijk als de laatste minuut. 

 

 

 

 

 

 

 

Laat een reactie achter