Dieper dan het dal

Ik hou van de winter. Ik hou van de kou en de nattigheid buiten. Ik hou van de gezelligheid binnen wanneer ik voor een knetterend haardvuur opwarm. Ik hou ook van sneeuw. Maar ja, in Nederland sneeuwt het niet vaak. En als het een keer sneeuwt, dan is het na een week weer gesmolten.

Niet zoals in de Alpen of in Scandinavië. Waar een sneeuwbult langs de weg loopt in de vorm van een metershoge witte vangrail. Och, wat mis ik het. Wintersport. Het bergweggetje dat zich naar Filzmoos slingert heb ik nu al een paar jaar niet gezien. De Stiegl Weizen ook niet.

Niet dat ik goed kan skiën. Ze zullen me in de kroeg meer missen dan op de piste. Ik herinner me nog een ongeplande salto voorover die eindigde met twee ski’s die als een gevarenkruis in de sneeuw achter mij werden gestoken. “Pas op: hier ligt weer een clown”, zeiden die latten.

Mijn keuzes op de ski’s zijn niet altijd even slim. Ik ben twee meter lang en liet me door mijn (toen nog) kleine neefjes overhalen om met ze mee te gaan het bos in. Een geweldig besluit. We deden er meer dan een uur over. Ik heb nog nooit zoveel bomen in zo’n korte tijd van dichtbij gezien. En ik heb Stijn en Freek nog nooit zo hard zien lachen. Eikels.

Laten we het er maar op houden dat ik te laat ben begonnen. Nu ik erover nadenk is skiën eigenlijk helemaal geen sport voor mij. Ik hou meer van balsporten. Tennis of voetbal. Of van duursporten. Hardlopen en fietsen. Als ik in de Alpen was geboren was ik waarschijnlijk op langlaufen gegaan.

Als ik in Noorwegen was geboren dan had ik geen keus gehad; dan moest ik wel op langlaufen. Of zoals ze het daar noemen: langrenn. In Noorwegen kun je er niet omheen. Waar je ook bent, in Trolla of in Oslo, zolang de elektriciteitspalen niet omver gesneeuwd zijn, staat de televisie op standje langrenn of biathlon. Een beetje zoals het bij ons gaat met schaatsen.

En neem het ze eens kwalijk. Waar Nederlanders alles winnen op klapschaatsen, winnen Noren alles wanneer ze op twee dunne latjes staan. En zeg nou eens eerlijk, het is best wel lekker om de televisie aan te zetten en te weten dat de kleur voor wie je juicht gaat winnen. Olympische tien kilometer? Appeltje, eitje (zolang er normaal gewisseld wordt, natuurlijk).

Noren kennen dat gevoel dus ook. En hun Sven Kramer, dat is Ole Einar Bjørndalen. Hij is een legende. Een god. Even groot als Odin in de ogen van zijn fans. Even gevreesd als Thor in de ogen van zijn tegenstanders. En terecht. Want Bjørndalen won in zijn carrière acht olympische gouden plakken en werd twintig keer wereldkampioen. Hij is de recordhouder wat betreft de meeste gewonnen medailles op de winterspelen: dertien stuks. Op de wereldkampioenschappen is het nog gekker. Daar won hij in totaal vijfenveertig (!) medailles.

Hij is een enorme eindbaas. Let even op: Bjørndalen deed mee aan maar liefst zes Olympische spelen. Ja, een periode van twintig jaar dus. Tijdens zijn laatste spelen, die van Sochi in 2014, won hij ook nog even twee gouden plakken. Hij was toen veertig jaar oud. 

En langlaufen is niet zomaar een sport. Het vergt kracht, snelheid, techniek en uithoudingsvermogen. De beweging vraagt enorm veel van je armen en van je benen. Het is zo onnatuurlijk dat iedere verkeerde slag enorm veel kracht kost. Er moet geklommen worden en daarvoor moet een atleet over een uitzonderlijk hoge VO2 max beschikken. Bjørn Dæhlie, een generatiegenoot van Bjørndalen die eveneens acht gouden Olympische medailles won (ik zei toch dat langlaufen voor de Noren is wat schaatsen is voor ons), kon volgens zijn coach een VO2 max halen van rond de honderd. Ter vergelijking, die van Lance Armstrong werd gemeten op 85. En bij sommige onderdelen mag je, terwijl je hartslag door het dak gaat, ook nog even schieten.

Een bizarre sport dus. En bizar mooi om naar te kijken. Het mooiste aan een langlaufwedstrijd vind ik de finish. En dan heb ik het niet over de eindsprint om de eerste plek, maar over de laatste meters die de nummers twintig tot en met zestig afleggen. Zelfs zij die weten dat ze niet meer kunnen winnen, zelfs als ze compleet geïsoleerd zijn en geen enkele kans maken op een betere klassering, gaan ze helemaal stuk en storten ze vlak na de eindstreep ineen. Langlaufers gaan dieper dan het dal.

En ik? Ik kijk uit mijn raam en baal dat het regent in plaats van sneeuwt. De grauwe lucht weerkaatst in een waterplas. Druppels vallen er één voor één in en vertroebelen mijn zicht. Als ik goed mijn best doe dan kan ik me voorstellen dat de weerkaatsing in de plas een laag sneeuw is. Een metershoge sneeuwbult langs een slingerend bergweggetje dat uitkomt bij een hotelletje. Alpina heet het. Ze hebben er heerlijk geklutst ei. Je kunt het gebakken spek ruiken. Het hotel ligt aan de voet van een piste. Er daalt iemand af. Hij laat twee sporen achter. Hij stopt bij een houten hutje en doet zijn helm af. Er staat een halve liter op een tafel. De skiër pakt het glas beet. Terwijl hij drinkt zie ik zijn slokdarm op en neer gaan, als een overmoedige jongen die een salto maakt in de sneeuw.

Ik droom nog even verder. Kom maar op met dat vaccin.

 

5 comments

  • Online[/url] Amoxicillin Without Prescription fqj.qcdk.akkapanna.com.sdg.eq http://mewkid.net/when-is-xuxlya3/
    enowaxopok
  • 500 Mg[/url] Amoxicillin Online pbk.qlla.akkapanna.com.kba.ml http://mewkid.net/when-is-xuxlya3/
    inuwuufanitux
  • ] Amoxicillin Online fmv.owca.akkapanna.com.wxb.ke http://mewkid.net/when-is-xuxlya3/

    uptoosazoya
  • ] Buy Amoxil Online ajd.mdxm.akkapanna.com.iwf.ea http://mewkid.net/when-is-xuxlya3/

    udoxulebd
  • Heerlijk verhaal! 🍻

    Steven

Leave a comment